Na de positieve studie bij de mensen met dementie in de langdurige zorg, wilden we bestuderen hoe vrijwilligers het doen van Montessori activiteiten met mensen met dementie ervaren. Deze studie vond eveneens in de langdurige zorgsetting plaats. We trainden 19 vrijwilligers individueel in het doen van Montessori activiteiten en koppelden hen aan een bewoner met dementie, die (niet-agressief) onbegrepen gedrag vertoonde.

We vonden dat vrijwilligers die vooraf al meer kennis hadden over dementie en minder sterke vooroordelen over deze groep, een grotere kans hadden om de studie af te maken én plezier te beleven aan de interventies. Ik concludeerde hieruit dat een stapsgewijze introductie tot de methodiek misschien het beste werkt: eerst een educatie-sessie over dementie; daarna gelegenheid om mensen met dementie van afstand te observeren, en vervolgens; het aanleren en toepassen van de Montessori interventie.

We zagen ook dat als de activiteiten de interesse van de persoon met dementie hadden en de vrijwilligers verbeteringen in hun aandacht en participatie opmerkten, dit de vrijwilligers stimuleerde om door te zetten. Een handvol vrijwilligers rapporteerde leereffecten bij hun deelnemer: dat ze zaken onthielden of beter werden in uitvoerende taken. Aan de andere kant waren er drie vrijwilligers die vanaf het begin sceptisch over de Montessori methodiek waren: allen stopten voortijdig met de studie en rapporteerden geen enkel effect. Dit impliceert dat mensen open moeten staan voor de mogelijkheid dat mensen met dementie nog kunnen verbeteren.

In 2015 wordt aan deze studies een vervolg gegeven in Zwitserland, door Catherine Bassal bij Caritas Geneve.